Preek Pinksteren 2014 (n.a.v. Handel. 2 en Joh. 14)

 

Lezingen: Handelingen 2: 1- 11 en Johannes 14: 23- 29

Pinksteren is het feest van het vuur.
Het feest van de vlammen op de hoofden van de leerlingen van Jezus.

 

Wie het over vuur heeft, heeft het over gevaar.

Letterlijk: brand is gevaarlijk.

Voor brand ga je op de vlucht.

Brand, vuur verwoest, maakt kapot.

Een brand bij Shell op de Moerdijk.

Een bosbrand op de Veluwe.

Grote bosbranden in het zuiden van de Verenigde Staten. 

Gevaar! Weg wezen!

 

Vuur kan gevaarlijk zijn, ook in figuurlijke betekenis.

Daar gaat het gedicht over van Judith Herzberg.

 

Judith Herzberg dicht:

Als je zoveel om iemand gaf
Dat je alles wat je had
Je huis en je hele boel
Daarvoor zou willen geven
Dan werd je alleen maar veracht.

Toch is het een gevoel
Dat inslaat als een flits
Een brand vlamt door je heen
En er is geen rivier
Geen water in de wereld
Dat zulke vlammen blust

Houd me dicht tegen je aan
Als een band om je arm
Als een hanger op je hart
Want sterk als de dood
Is de liefde en afgunst
Zo diep als het graf

Het vuur van de liefde, is het grootste geschenk, maar ook een groot gevaar. Het vuur van de liefde kan je rijk maken, maar ook verteren.

Wie in vuur en vlam staat voor een ander, kan vertedering oproepen, bewondering misschien omdat de liefde zo’n kracht kan zijn.

Maar we kijken ook meewarig naar iemand omdat hij of zij zich overlevert en zichzelf kwijt raakt. Zo opgaan in een ander dat je jezelf kwijt raakt, dat kan niet goed zijn! Verachting is zijn of haar deel!

Zo dicht Judith Herzberg!

 

Over vuur valt veel te denken en te associëren. Over het vuur dat deel uit maakt van de menselijke beschaving, mensen kunnen vuur maken, dieren niet. Vuur dat kapot maakt, maar ook zuivert. Vuur dat je nodig hebt om van glas en van metaal de prachtigste dingen te maken.

Vuur dat ook je kostbare spullen kan verteren tot een grijs hoopje as.

 

We kennen de uitdrukking: in vuur en vlam staan!

Dat zijn we alweer iets dichter bij het verhaal van Pinksteren.

De leerlingen staan in vuur en vlam.

We kennen de uitdrukking: het heilig vuur dat brandt.

Bij de discipelen brandt het heilig vuur van hun geloof op deze Pinksterdag.

 

Vuur hoort bij Pinksteren, vuur hoort bij God.

Het is ván God.

In de traditie van de Schrift hoort vuur bij God.

Als je nog niet de chemische formules kunt bedenken voor wat er gebeurt bij verbranding, dan is vuur een wonder. Een wonder van boven!

 

Waar vuur is, is God!

Op de berg, in de woestijn. Of op de berg Karmel, bij Elia.

Of in Jeruzalem, bij de discipelen.

Waar vuur is, is God.

 

Daarover schrijft Lucas in zijn 2e deel over Jezus.

Bij de leerlingen in Jeruzalem was God aanwezig.

Hoe weet je dat? Dat weet je door het vuur.

Door de vlammen op hun hoofd.

 

De leerlingen worden er enthousiast van, nooit zijn de leerlingen van Jezus enthousiaster geweest dan toen in Jeruzalem op het eerste Pinksterfeest.

Want hoewel Jezus naar de hemel was gegaan, ze hadden Hem zien verdwijnen, was God dichtbij.

Als een flits, ging het door hen heen: God is hier!

Want sterker dan de dood is de liefde. Want sterker dan de dood is God.

Als vanzelf ligt de vraag op ons bordje: waar ben ik enthousiast over?

Brandt dat heilig vuur ook in mij? En waarvoor dan?

Ben ik aangestoken door het evangelie van Jezus?
Gaat er weleens die flits door me heen: God is bij me?

 

Het is niet elke dag Pinksteren.

Maar vandaag wel.

Daarom klinken vandaag die vragen aan ons.

 

Sommige mensen zijn bereid heel ver te gaan voor hun geloof, voor hun ideaal, voor hun overtuiging.  Voor hun medemens.

Sommige mensen hebben zo’n heilig vuur in zich branden, het zijn idealisten, sommigen noemen ze naïef. Of overdreven, of gewoon dom.

Ze worden veracht.

 

Een pater die in Holms blijft wonen en werken en het met zijn leven moet bekopen. Naïef, dom, wat heb je er nu aan? Veracht?

Of een vonk van het heilig vuur? Een vonk van Gods aanwezigheid?

 

We zagen deze week de herdenking van de opstand op het plein van Vrede in Peking. 25 jaar geleden liep daar een man met 2 boodschappen tassen om een tank tegen te houden. Een idealist? Een naïeveling? Er is niets veranderd in China na de opstand? Of was het een heilig vuur dat brandde in zijn gevecht voor vrijheid?

 

Een andere pater die ’s morgens voor dag en dauw met oud brood langs de huizen gaat. Naïef? Zo los je geen economische crisis op. Of een vonk hoop en liefde, een wonder op de fiets van Gods aanwezigheid.

Veracht, want het gaat om beleid, om beslissingen, om het grote geld.

Of toch niet….gaat het om brood?

 

Zomaar een echtpaar uit Velp dat al 46 jaar voor hun autistische zoon zorgt, ze waren deze week in een documentaire te zien. En ze blijven vechten om een goede plek te vinden voor als zij er niet meer zijn.

Naïef, idealistisch? Overdreven of gedreven, verstikkende ouderliefde of een vonk van Gods liefde?

 

70 jaar geleden, D- day. Duizenden militairen die in een vliegtuig stapten, om te vechten voor vrijheid. Naïef? Dom? Misschien ook avonturiers, misschien die het gevaar niet onder ogen wilden zien.

Of mensen die gehoorzaamden zonder na te denken.

Of… heilig vuur, idealisme, omdat ze hun verantwoordelijkheid wilden dragen.

 

Een vrouw op haar knieën om te bidden voor haar kinderen, maar ook voor haar onbekende mensen. Omdat ze gebed hebben gevraagd in moeilijk omstandigheden.

Is het gewoonte de dag af te sluiten met gebed, een ritueel, net zoals tandenpoetsen en nog eens de achterdeur controleren?

Of is het heilig vuur, dat deze vrouw zich in Gods Naam zo betrokken weet bij haar medemens.

 

Op beruchte brug in China loopt een man elke dag zijn rondje. De brug is berucht omdat er vaak mensen vanaf springen die liever de dood zoeken dan zo verder te moeten leven. Chen Si loopt daar en probeert hen op andere gedachten te brengen.

Naïef? Als mensen werkelijk dood willen, zoeken ze wel een andere brug. Dom? Het is eigen verantwoordelijkheid van mensen, daar moet je je niet mee bemoeien.

Of: een vlam van liefde waarmee hij de mensen tegemoet treedt.

Wie één mens redt, heeft de wereld gered.

 

De leerlingen staan in vuur en vlam, zij ervaren dat God heel dicht bij is.

Ze zijn enthousiast als nooit tevoren, zo geestdriftig zijn de leerlingen van Jezus misschien nooit meer geweest. Wat zouden we er graag bij zijn geweest.

Maar nog meer: wat zouden we graag die geestkracht ervaren. Wat zouden we graag sterk in ons geloof zijn. Geestdriftig, vol vuur!

Niet zo halfbakken, maar voluit vertrouwend.

 

Hoewel het verhaal van Pinksteren aan de ene kant spectaculair is, is het aan de andere kant ook weer heel gewoon. Want de leerlingen spreken over Jezus, en dopen de volgelingen.

Wat wij in de kerk al eeuwen doen. Nog steeds.

 

Laten we ons op dit Pinksterfeest uitgedaagd weten het heilig vuur brandend te houden. In de kerk en in ons eigen hart.

 

In de Naam van de Vader, Zoon en Heilige Geest.

Amen

 .

.

.

Joke Kolkman

 

Oud-Katholieke Parochie St. Willibrordus, Arnhem | Site techniek: SyncCMS