Eucharistisch gebed nr. 10

De Heer zij met u.
En met uw geest.
Opwaarts de harten.
Wij zijn met ons hart bij de Heer.
Brengen wij onze dank aan de Heer, onze God.
Hij is onze dankbaarheid waardig.

Wij danken U, 
dat Gij een God van mensen zijt, 
dat wij U mogen noemen 
onze God en onze Vader, 
dat onze toekomst in uw handen ligt, 
dat deze wereld U ter harte gaat. 

Geroepen hebt Gij, 
en onze doofheid doorbroken, 
Gij zijt opgedaagd in onze duisternis, 
uw licht heeft ons de ogen geopend, 
Gij hebt ons ten goede gekeerd 
en ons tot leven gewekt.

Gezegend zijt Gij, 
de bron van al wat bestaat; wij dorsten naar U, 
omdat Gij zelf ons dorstig hebt gemaakt. 
Onrustig is ons hart, 
tot wij in U geborgen zijn, 
met Jezus Christus, onze Heer.

Met allen 
die ons in geloof zijn voorgegaan 
huldigen wij uw Naam, 
Heer onze God. 
Gij, onze hoop, 
wij danken U vol vreugde, 
en aanbidden U met de woorden:

Heilig 

Heilig, heilig, heilig is de Heer, 
de God van de hemelse machten.
Hemel en aarde zijn vol van uw heerlijkheid. 
Hosanna in den hoge. 
Gezegend hij die komt 
in de Naam des Heren. 
Hosanna in den hoge. 

De gemeente knielt en de priester vervolgt het eucharistisch gebed:

Wij danken U 
omwille van uw veelgeliefde Zoon 
die gij geroepen en gezonden hebt 
om ons te dienen en te verlichten, 
om aan armen 
uw koninkrijk te brengen, 
om aan gevangenen 
verlossing te melden, 
om voor ons allen en voorgoed 
het evenbeeld te zijn en de gestalte 
van uw mildheid en uw trouw.

Wij danken U 
voor deze onvergetelijke mens 
die alles heeft volbracht 
wat menselijk is, 
ons leven, onze dood - 
wij danken U 
dat hij zich met hart en ziel 
gegeven heeft aan deze wereld.

Want in de nacht 
waarin hij werd overgeleverd, 
heeft hij het brood 
in zijn handen genomen. 
Hij heeft zijn ogen opgeslagen 
naar U, God, zijn almachtige Vader, 
hij heeft U dank gezegd, 
het brood gebroken 
en het aan zijn vrienden uitgedeeld 
met de woorden: 
Neemt en eet, 
dit is mijn lichaam voor u. 
Doet dit tot mijn gedachtenis.

Zo nam hij ook de beker, 
sprak een dankgebed uit en zei: 
Deze beker is het nieuwe verbond 
in mijn bloed, 
dat voor u en voor allen wordt vergoten 
tot vergeving van zonden. 

Telkens als gij deze beker drinkt 
zult gij het doen tot mijn gedachtenis.

Als wij dan eten van dit brood 
en drinken uit deze beker, 
verkondigen wij de dood des Heren 
totdat hij komt.


Daarom, Heer onze God, 
stellen wij hier dit teken van ons geloof, 
en daarom gedenken wij nu 
het lijden en sterven van uw Zoon, 
zijn opstanding uit de dood, 
zijn intocht in uw heerlijkheid; 
dat hij, 
verheven aan uw rechterhand, 
voor ons ten beste spreekt, 
en dat hij komen zal 
om recht te doen 
aan levenden en doden, 
op de dag die Gij hebt vastgesteld. 

Zend ons uw geest, 
die leven is, gerechtigheid en licht. 
O God, 
die wil het welzijn van de mensen 
en niet hun ongeluk 
en niet de dood, 
neem weg uit ons midden 
alle geweld, 
beteugel de drift waarmee wij 
elkaar naar het leven staan. 
Geef vrede op aarde 
uit kracht van Jezus 
uw Zoon in ons midden, 
dat bidden en smeken wij U. 

Dan zal uw Naam geheiligd zijn, 
door hem, met hem en in hem, 
op aarde overal 
en hier en nu 
in eeuwigheid.
Amen,  amen, amen.

Hierna volgt: 
Het Gebed des Heren

Oud-Katholieke Parochie St. Willibrordus, Arnhem | Site techniek: SyncCMS