Weest waakzaam

Reactie op preek in Schoonhoven

Ik had het deze week gemakkelijk kunnen hebben bij het maken van de preek. Het evangelie van vandaag is namelijk bijna hetzelfde als die van vorige week in Schoonhoven. Ik kreeg deze week echter een mailtje van iemand die afgelopen zondag in Schoonhoven naar de preek had geluisterd en diens oordeel was niet mals. Ik was in preek te negatief over deze wereld. Deze kerkganger vond mijn preek ouderwets, iets van de jaren '70 en '80 van de vorige eeuw. Hij vond dat de kerk niet de taak had de wereld te veranderen, maar de wereld moet interpreteren. Bovendien was de mogelijkheid van een parochie te beperkt om echt iets aan de wereld te kunnen doen. Met deze discussie zitten we midden in het thema van vandaag. Het gaat om waakzaamheid.

Jesaja 64, 1-9

Eerste brief aan de Korintiers 1, 1-9

Marcus 13, 24-37

Hoe kunnen we waakzaam zijn?

Die waakzaamheid is een probleem. We weten namelijk niet meer waarop we wachten. Na bijna 2000 jaar christendom is de verwachting dat het christendom opeens aanbreekt, moeilijk vast te houden. Laat staan dat het gaat om een actief wachten, om waakzaamheid. De boodschap die we van het evangelie van vandaag krijgen is dat we niet weten wanneer het koninkrijk van God aanbreekt, maar dat we er altijd op voorbereid moeten zijn. Het gaat dan om leven naar Gods wil, omdat elk moment de Heer terug kan komen en ons zal beoordelen op wat Hij dan aantreft. Daarom moeten we waken, niet slapen en alles zijn beloop laten, maar doen wat de Heer ons heeft voorgehouden.

De tekenen van deze tijd

De waakzaamheid die Jezus van ons vraagt richt zich op de tekenen van deze tijd. De tekenen van deze tijd laten zien hoe het met Gods schepping gaat en wat onze taak erin is. Waakzaamheid betekent dat je je ogen opent en ziet wat er gebeurt in de wereld. We leven namelijk vaak met oogkleppen op. De ene dag volgt op de andere en we gaan op in de dagelijkse zorgen, wat we willen bereiken en wat onszelf en onze dierbaren raakt. Waakzaamheid vraagt echter meer van ons, onze blik te verbreden zodat we ook zien hoe het met de mensen gaat buiten onze eigen kring.

In Latijns-Amerika kwam in de jaren '60 van de vorige eeuw de theologie van de Bevrijding op. Gustavo Gutierez, een Latijns-Amerikaanse theoloog, maar opgeleid in het Westen. Hij was niet tevreden met de theologie die hij geleerd had, omdat ze geen oog had voor het concrete lijden van de mensen in andere werelddelen, zoals Latijns-Amerika. Theologie, kerk en geloof leken alleen te gaan over het heil van het individu, wat hij of zij moest doen en geloven om in de hemel te kunnen komen. Aan zo'n theologie heb je niets als je zelf dagelijks te lijden hebt onder geweld en hongersnood. Tegenover deze theologie die zich concentreerde op de weg naar de hemel, ontwikkelde hij een theologie van bevrijding. Met bevrijding bedoelde hij niet een leven na de dood, maar een direct ervaarbare bevrijding in en door de kerk. De kerk wil dan een gemeenschap zijn die opkomt voor de armen, die solidair met hen is en hen binnen de gemeenschap al het koninkrijk van gerechtigheid en vrede laat ervaren. Vanuit zijn theologie ontwikkelden zich basisgemeenten die een andere manier van samenleven voorstonden.

Zien en oordelen

Centraal in Guttierez' theologie stonden 'zien, oordelen en handelen'. Dat waren drie stappen die de kerk in beweging moesten brengen en laten werken aan een andere wereld. Vandaag staan we stil bij het zien en oordelen. De werkelijkheid interpreteren, zoals mijn criticus zei, is niet genoeg. Dat is misschien voldoende om ons Westerse belang te dienen, wanneer we worstelen met ziekte en dood dichtbij. Dan gaat het om de vraag wat de zin hiervan is. Wanneer we echt willen werken aan bevrijding, dan moeten we zien én oordelen. Dan gaat het erom dat we zien wat er mis is in de wereld en dat veroordelen. We moeten oordelen dat het anders moet.

Zien doen we eigenlijk wel. We hebben kranten, de televisie, de radio en steeds meer zien we via internet. We leven in een informatietijdperk, waarbij je je nauwelijks nog aan het nieuws kunt onttrekken. We zien dus het leed in de wereld, we horen over het geweld in Congo, we zien de gevolgen van de milieuvervuiling. Maar wat doen we dan? Halen we onze schouders op? Wenden we ons af? Vluchten we weg? Of durven we ook te oordelen, dat dit niet goed is, dat we het einde van de wereld wel heel snel naar ons toehalen. En met dat oordeel begint de bevrijding.

Eschatologisch voorbehoud

Dat klinkt natuurlijk allemaal heel mooi, oordelen dat het anders moet, werken aan bevrijding, maar in de praktijk lijkt het niet veel op te leveren. De wereld verandert niet als de parochie Arnhem gaat roepen dat het niet goed gaat. Met andere woorden, is wat wij als parochie, zelfs als landelijke kerk, kunnen doen niet veel te weinig? Het kwaad in de wereld, bewust of onbewust veroorzaakt, lijkt op een veelkoppig monster dat steeds twee koppen erbij krijgt als je er één afhakt. In het verleden is al zoveel geprobeerd om het de ideale samenleving, de heilsstaat, te bereiken en uiteindelijk heeft het meer kwaad dan goed gedaan. Wat beginnen we dan met onze waakzaamheid?

Een belangrijk element van de theologie van de bevrijding is dat de mens alleen het kwaad niet zal overwinnen. Hier komt weer de eindtijd terug en de hoop die zij met zich meebrengt. Uiteindelijk zal de mens nooit het kwaad volledig bezweren. Die laatste stap zal door God zelf moeten worden gezet. Daarom zijn regimes zoals van heilsstaten niet de oplossing. Zij gaan er vanuit dat zijzelf de uiteindelijke oplossing zullen brengen. De theologie van de bevrijding laat deze laatste stap aan de Heer zelf, maar vraagt de kerk ondertussen concreet aan de wereld te werken en een plek te zijn waar mensen op adem kunnen komen, omdat gerechtigheid, solidariteit en vrede daar ervaarbaar zijn.

Het koninkrijk Gods als core business

Misschien hebt u gehoord dat de Rooms-Katholieke bisschop van Haarlem, Jos Punt, deze week een boek in ontvangst heeft genomen van de consultant Charles Swietert met als titel 'De markt van God'. Swieters vergelijkt de kerken met de bedrijven. Net als die bedrijven moeten kerken zich beperken tot haar core business, spiritualiteit. Dan zou het de kerken uiteindelijk weer goed gaan. Er is immers een markt voor spiritualiteit. Als spiritualiteit echter onze core business zou zijn, dan maken we het evangelie wel erg dun. Dan beperken we onze opdracht tot het inspireren van mensen om zich goed te voelen, om vooral geestelijk bezig te zijn. Het probleem is dat we dan precies gaan doen wat mensen van ons willen, in plaats van dat we doen wat God wil. Hoe ver de vergelijking van Swietert ook mag gaan, we zijn geen bedrijf, maar een gemeenschap van mensen die een getuigenis van Gods koninkrijk wil zijn. Dat is niet alleen maar spiritueel, dat is niet alleen maar zingeving en interpretatie, maar dat is concreet werken aan verandering. Spiritualiteit vraagt niet om waakzaamheid, het koninkrijk Gods wel.

Voetstappen naar Kerstmis

Op onze parochiedag hebben we gesproken over geloof, gemeenschap en onze omgeving. Een van de thema's die naar voren kwamen was de invloed die je als individu of als kerk op je omgeving hebt. Iemand voelde machteloosheid. Er gebeurt van alles en je kunt er niets aan doen. Een ander meende dat je niet machteloos bent, maar je steentje kunt bijdragen. Dat is de spanning waar we als christenen in leven, waarvoor we waakzaamheid nodig hebben. Misschien zouden we er tijdens de koffie straks nog even kort over kunnen spreken.

Preek van pastoor Remco Robinson op de eerste zondag van de Advent

Oud-Katholieke Parochie St. Willibrordus, Arnhem | Site techniek: SyncCMS