Zondag 2 februari 2014 - preek bij Maleachi 3 en Lucas 2: 22- 32

Deze zondag heet in de traditie Maria Lichtmis.

In het eerste testament is voorgeschreven dat vrouwen 40 dagen na hun bevalling naar de tempel gaan om zich weer rein te laten verklaren. Vandaag, 2 februari is het precies 40 dagen na Kerst, na het feest van de geboorte van Jezus. Dus Maria gaat volgens voorschrift naar de tempel.

Lucas vindt het blijkbaar belangrijk dit te vermelden.

 

Maar eigenlijk gaat dit feest niet over Maria, het gaat over haar kind, over Jezus. De kaarsen die we wijden gaan over Jezus, de lezingen van vandaag gaan over Jezus.

 

Eerst Maleachi: de laatste profeet van de 12 kleine profeten.

Maleachi heeft een duidelijk thema.  God kiest voor zijn volk, God heeft een voorkeur, gebaseerd op zijn vrije keuze, niet omdat het volk Israël zoveel beter zou zijn dan alle andere volken.

God kiest voor Jakob, hoewel een bedrieger, en niet voor Esau.

Steeds weer kiest God voor zijn volk,

en steeds weer vraagt God aan zijn volk een reactie.

Wat antwoordt het volk op de liefdevolle uitnodiging van zijn kant?

Dat is het grote thema in het kleine boekje Maleachi,

De verzen van vandaag passen daarin.

God zendt zijn bode, God neemt initiatief tot contact.

Je herkent de bode aan zijn bezoek aan de tempel.

Vandaar natuurlijk dat we vandaag deze verzen lezen.

 

De bode zal komen. Zo profeteert Maleachi.

En de bode zal scheiding brengen.

Tussen goed en kwaad,

tussen waarlijke zonen en dochters van Jakob,

 en anderen die ongerechtigheid doen.

De bode zal komen om Gods liefde te brengen.

Maar wat doen jullie er mee?

God kiest voor jullie, maar kiezen jullie voor God?

Dat is de vraag die Maleachi aan zijn volk stelt,

en als wij zijn profetie lezen, komen we ook voor die vraag te staan.

God kiest voor ons, dat is zichtbaar geworden in Jezus Christus.

Kiezen wij ook voor Hem?

 

In de brief aan de Hebreeën wordt opnieuw geschreven dat God voor de mensen kiest, en daarom zijn Zoon naar de aarde heeft gezonden.

 

De Zoon met een hoofdletter hoort bij de zonen en dochters op de aarde.

De mensen op de aarde zijn mensen van vlees en bloed.

Mensen van vlees en bloed, met alle mooie en lastige kanten van het leven op deze aarde. Met hun goede bedoelingen, hun teleurstellingen, hun moed en hun jaloezie, hun liefde en hun haat.

Mensen van vlees en bloed.

 

Zo ook de Zoon, van vlees en bloed geworden, dat zeggen we met kerst, dat vieren we ook vandaag. Opgedragen in de tempel zoals ieder kind van God, zoals ieder mensenkind van vlees en bloed. Je zou kunnen zeggen: samen met de rituele reiniging van moeder Maria, is dit één van de meest fysieke momenten van Jezus.

Mensen geworden zoals wij, opgedragen als een kind van God.

 

En de reden? Waarom?

Om de dood te overwinnen.

Om de duivel van de dood te overwinnen.

Om de angst voor de dood te overwinnen.

Mensen van vlees en bloed sterven,

aan het einde van ons leven wacht de dood.

Zo is het met mensenkinderen.

Jezus is mens geworden, is onze dood gestorven om deze dood te overwinnen.

 

Wat betekent dit?

Hier op deze aarde waart de dood nog rond. We kennen allemaal het verdriet van de dood, omdat we ziek zijn, of ziek zijn geweest, omdat we een dierbare hebben verloren. Omdat het zo moeilijk leven is met de gedacht dat de dood zomaar kan inbreken. Dat alles eindig is.

 

Voor de schrijver van deze brief, die eigenlijk meer op een lange preek lijkt, is het eenvoudiger. Jezus heeft de dood overwonnen. En de duivel die bij de dood hoort. We hoeven er niet meer bang voor te zijn.

Dus hij heeft het er ook niet meer over.

In de hele brief komt de angst voor de dood niet meer voor.

De dood heeft afgedaan.

 

Wat een overweldigende gedachte! De dood heeft afgedaan!

Het is waar, zo lezen we in deze brief. Jezus is mens geworden van vlees en bloed, en heeft de dood overwonnen voor mensen van vlees en bloed.

 

Daarna gaat de brief door op het beeld van Jezus Christus als hogepriester, hij heeft het offer gebracht van zijn eigen leven, om ons te bevrijden van zonde.

Vandaar natuurlijk dat we dit gedeelte vandaag lezen: Jezus Christus als hogepriester, vandaag lezen we over zijn eerste bezoek aan de tempel, als baby nog, maar met de belofte van meer…

 

Zo komen we terecht bij het evangelie naar Lucas, Maria en Jozef nemen hun kleine zoon mee naar de tempel. De eerstgeborene, wordt aan God opgedragen.

Simeon is een vrome man vol hoop, want vroom en hoopvol is hetzelfde.

Geloof en hoop horen samen.

Hij wordt door de Geest geleid en komt dan in de tempel.

 

Simeon ziet waarover Maleachi profeteert:

de bode van de Heer die komt om Gods liefde te tonen.

Simeon ziet wat de schrijver van de Hebreeënbrief uitlegt:

dit kind is gekomen om verlossing te brengen.

 

Simeon is een profeet, hij ziet wat niemand nog kan zien.

Simeon is een gelovige, hij gelooft wat nog niet is.

Simeon is vroom, hij heeft zijn thuis gevonden in de nabijheid van zijn God.

 

Mijn ogen hebben uw heil gezien, mijn ogen hebben uw licht gezien,

licht dat geopenbaard wordt aan de heidenen. Dat zingt Simeon.

Deze zondag is de afsluiting van de weken van epifanie, de verschijning van God aan de mensen, in Jezus Christus.

De weken van: licht dat is gekomen in de duisternis van de wereld.

 

Drie lezingen vandaag over Jezus Christus. Drie lezingen die laten zien dat God tot ons is gekomen, in liefde en in Licht.

 

Over alle drie de lezingen heb ik iets gezegd.

De vraag die een voorganger zichzelf altijd stelt, is: heb ik een verbinding kunnen leggen tussen die gedeelten in de leven van mensen hier en nu?

Of wel: kunnen mensen er wat mee vandaag de dag in hun gewone leven?

Is het wel praktisch?

 

Maleachi die ons vraagt: als God voor jullie kiest, voor wie kiezen jullie dan?

De schrijver van Hebreeën die stelt: Christus heeft jullie dood overwonnen.

Uiteindelijk hoeven we het niet meer te hebben over de angst voor de dood.

 

En Simeon die zijn loflied zingt. 

Hij nodigt ons uit te zien wat voor anderen verborgen is.

Te geloven wat nog niet is.

Mee te zingen over het licht, en dan ook maar de kaarsen aan te steken die getuigen van dat licht. Wat is er nu praktischer dan kaarsen aansteken en dus in woord en daad te getuigen van het licht.

En voor wie het nog te theoretisch vindt: het is vast niet toevallig dat we vandaag de kaarsen wijden en volgende week de zondag van het licht in de wereld vieren. En dan gaat het niet over kaarsen, maar over ons.

 

In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.

Amen.

 

 

Joke Kolkman

 

Oud-Katholieke Parochie St. Willibrordus, Arnhem | Site techniek: SyncCMS