Preek over Johannes 20 (Pasen 2013)

Zusters en broeders,

 

Maria van Magdala zingt:

wat dreef mij naar het graf? Wat dacht ik daar te vinden?

Wat dreef Maria van Magdala naar het graf?

 

Was het geloof? Dat het nog niet afgelopen zou zijn met haar Jezus?

Dat de boodschap van de Heer op de een of andere manier verder zou gaan?

Was het óngeloof, dat het nog niet afgelopen kon zijn met Jezus, kon ze het nog niet begrijpen dat Jezus echt dood was? Ontkenning van de situatie?

 

Was het haar liefde voor Hem?

Een liefde, die niet ophoudt bij de dood.

Ze wilde in leven en sterven dichtbij Hem zijn.

Voelde ze zich op die plek dichter bij Hem dan elders?

Was het teleurstelling in haar Heer, ze had zoveel van Hem verwacht, en nu...

Was het hoop, dat ze iets van Hem terug zou vinden in die tuin bij dat graf?

Was het wanhoop, wist ze niet wat ze zocht, wist ze niet waar te zoeken.

En kwam ze eigenlijk vanzelf bij het graf uit.

 

Wat drijft mensen naar een graf?

Liefde, dichtbij iemand willen zijn.

Hem of haar eren door het graf te onderhouden.

Rust vinden, ruimte, stilte, verbondenheid met diegene die je zo mist.

Misschien ook troost, de Heer is mijn Herder.

 

Anderen ervaren dat trouwens op heel andere plekken, heel andere momenten, zij vinden alleen de leegte bij een graf.

 

Wat dreef Maria naar het graf?

Is dat niet precies hetzelfde als wat ons drijft op deze Paasmorgen naar de kerk?

 

Geloof, dat het met de Heer, na zijn kruisging, na zijn begra­fenis, niet afgelopen is. Op de een of andere manier willen we er niet aan, dat het met de dood van de Heer is afgelopen met Hem.

 

Hoop. Dat Zijn woorden, over leven en dood, over eeuwig leven het zullen houden. Dat Zijn boodschap waar wordt, dat hij niet een van de vele rabbi's is die mooie woorden heeft gezegd, maar daarna is vergeten. Wij hopen dat het meer is.

 

Liefde, een liefde over de grenzen van dood en leven heen.

Wij geloven dat Gods liefde voor ons niet ophoudt bij Jezus’ dood.

 

Wat drijft ons naar de kerk op Paasmorgen?

Wat brengt ons tot het evangelie van de opgestane Heer op deze Paasmorgen?

Geloof, dat het niet afgelopen is met de dood.

Dat het niet afgelopen kan zijn, voor Hem niet, voor ons niet.

We willen er niet aan dat met de dood van Jezus het laatste woord is gezegd. We willen er niet aan dat met de dood van mensen, van onze geliefde mensen, het laatste woord zou zijn gezegd.

Er moet meer zijn, anders is het onverdraaglijk.

 

Hoe kun je je iets voorstellen bij leven na de dood? Ongehoord is het toch.

De dood zit ons zo in het bloed, in het hoofd, in het hart.

 

Hoop en wanhoop, liefde en teleurstelling, geloof en twijfel.

Wat drijft ons naar een opgestane Heer.

 

Wij geloven in het licht dat overwint.

In de boodschap die doorgaat.

In de liefde die sterker is.

 

En wat het wonderlijke daarvan is?

Op het moment dat we er in geloven wordt het ook waar. Als wij geloven dat het Woord van Jezus Christus niet ophoudt bij zijn dood, dan gaat dat woord ook door. Dan komen we samen als zijn gemeente, dan klinkt dat woord.

Eeuwenlang, wereldwijd.

 

Als wij geloven dat liefde zal winnen, en we komen samen om onze naaste lief te hebben, dan zal die liefde ook inderdaad winnen.

Als wij samengekomen in de Naam van de opgestane Heer, dan is die Heer ook opgestaan, onder ons, dan is het niet afgelopen. Hij leeft, Voor ons, Dicht bij ons!

Wat we geloven wordt waar, op deze paasmorgen, in deze kring.

Het houdt niet op bij de dood. Bij de duisternis. Bij de verlatenheid.

 

Het gaat door naar het leven, naar het licht, naar de nabij­heid.

Het gaat door. Zo simpel is het.

 

En zo onbegrijpelijk is het tegelijk.

We hebben het van horen zeggen.

De Heer is opgestaan en Hij leeft.

 

Deze Maria met al haar liefde voor haar Heer, was de eerste die het mocht zien, horen en vertellen. Zij geloofde Hem op Zijn Woord, op haar naam. Maria.

 

Begrijpt ze het. Nee, nog lang niet. Gelooft ze het. Ja.

 

Begrijpen we het, Nee, nog lang niet. Geloven we het?

 

Maria zegt ons: Het was anders dan toen hij nog leefde.

Maar het is goed zoals het is.

Hij is nog onder ons.

 

Amen.

Voorbeden

Laat ons in vrede bidden tot de Heer onze God,

Heer, wij bidden U dat we deze dag vieren als een nieuw begin.

Dat het evangelie van opstanding en leven ook ons dagelijkse leven mag kleuren.

Dat we niet de moed opgeven, de hoop verliezen, op herschepping.

Dat we elkaar herinneren aan Gods liefde, dat we voor elkaar het Licht hoog houden.

Laat ons bidden

Heer, wij bidden U voor mensen die niet zomaar opnieuw kunnen beginnen.

Voor mensen die zijn gevangen in onrecht, of armoede, in angst of in ziekte.

Wij bidden U voor mensen met verdriet, voor mensen in rouw, mensen verbonden aan iemand die ze missen, kwijt zijn geraakt aan het leven of aan de dood.

Laat ons bidden

Heer, wij bidden U voor uw eerste verbondsvolk dat de bevrijding uit Egypte viert, voor Uw volk dat zoveel heeft geleden, gezegende mensen die tot zegen waren gesteld in deze wereld,

Heer, wij bidden U voor alle mensen die in het midden oosten wonen, dat er vrede mag komen, dat mensen elkaar zien als naasten en niet meer als vijanden. Dat er vertrouwen kan groeien, Heer, het zou zo mooi zijn.

Laat ons bidden

Heer, wij bidden U voor deze wereld waarin mensen op zoek zijn naar levensvervulling, naar houvast, naar hoop, naar een naaste, misschien wel naar U

Dat wij als uw kerk getuigen van een blijde boodschap, in uw naam naasten kunnen zijn. Laat ons bidden

Heer, wij bidden U voor onze dierbare doden, omdat de dood ook voor hen niet het laatste woord is.

Heer, wij bidden U voor wie ons lief is

En voor onszelf omdat U weet wat wij nodig hebben

Laat ons bidden

God, die blijkens de kracht die in ons werkt bij machte zijt

Meer dan overvloedig te doen boven al wat wij vragen of denken,

U zij de heerlijkheid in de kerk en in Jezus Christus

Tot in alle geslachten in de eeuwen der eeuwen. Amen

 

Oud-Katholieke Parochie St. Willibrordus, Arnhem | Site techniek: SyncCMS